Regelmatige werkwoorden op -re (vendre, attendre, répondre…) volgen het patroon van vendre (verkopen). Haal -re van het hele werkwoord af voor de stam. De uitgangen lijken op die van -er, behalve in het enkelvoud: -s, -s en bij il / elle / on helemaal geen uitgang.
In het enkelvoud klinken alle drie de vormen hetzelfde (je vends, tu vends, il vend); in het meervoud hoor je de d wél: nous vendons, ils vendent.
De uitgangen
- je vends — ik verkoop
- tu vends — jij verkoopt
- il / elle / on vend — hij / zij / men verkoopt
- nous vendons — wij verkopen
- vous vendez — jullie verkopen / u verkoopt
- ils / elles vendent — zij verkopen
Il / elle / on: alleen de stam
Geen uitgang, dus de vorm eindigt op -d.
- il vend
- elle attend le bus
- on répond
Veelgebruikte -re-werkwoorden
attendre (wachten), entendre (horen), répondre (antwoorden), perdre (verliezen), rendre (teruggeven), descendre (naar beneden gaan), défendre (verdedigen).
- j'attends — tu attends
- nous répondons
- ils perdent
Let op je + attendre / entendre → j'attends, j'entends (klinker). Niet elk werkwoord op -re is regelmatig: prendre, mettre, dire, écrire en lire hebben eigen rijtjes.